onze school
Voor een uitgebreide versie van onze uitgangspunten verwijzen wij u naar onze schoolgids.

Deze kunt u hier downloaden.



Missie:
Visie:
Leerling gebonden financiering:
Wat school wel en niet kan:

 Uitgangspunten


 

De grondslag van de vereniging zoals die verwoord is in de statuten:


De grondslag van de vereniging is de bijbel als het woord van God en het belijden van de Protestants Christelijke kerken.
De vereniging laat zich leiden door het verzoenend werk van Jezus Christus en de levenwekkende kracht van de Heilige Geest tot dienst aan God en aan de medemens.


Missie:

Onze vereniging heeft als uitgangpunt de bijbel. De bijbelverhalen, gebeden en liederen zijn een spiegel voor ons leven. Dit willen we graag doorgeven aan alle kinderen die onze scholen bezoeken. Wij leven en werken respectvol met elkaar, of iemand nu van een ander ras, geloof, overtuiging is, of andere talenten heeft. Wij willen de kinderen voorbereiden op de samenleving, waarin ze zich geaccepteerd voelen en als volwaardig lid kunnen functioneren.

Kortom het verzorgen van Prot. Chr. Onderwijs, waarbij ieder tot zijn recht komt.

 

Visie:


Levensbeschouwelijk:

Onze scholen zijn open protestants christelijke scholen waar volwassenen en kinderen respectvol met elkaar omgaan.

Wij respecteren de verschillende levensbeschouwingen, wel vragen we van de ouders die hun kinderen bij onze scholen aanmelden, dat ze onze grondslag respecteren en dat hun kinderen deelnemen aan de activiteiten en lessen die met onze levensbeschouwing verbonden zijn.
Wij zien elk kind als uniek en bieden de kinderen ontplooiingsmogelijkheden voor hoofd, hart en handen.
Pedagogisch:

We laten ons leiden door de mogelijkheden van ieder kind afzonderlijk.

Elk kind leert geloven in zijn of haar mogelijkheden, zowel kinderen met leermoeilijkheden als kinderen met speciale begaafdheden. Elk kind wordt zodanig uitgedaagd, dat leren een vreugde is en dat alle capaciteiten optimaal ontwikkeld worden.

Samenwerken met anderen wordt aangemoedigd en respect hebben voor andere opvattingen en achtergronden wordt bevorderd.

Gelijkwaardigheid, eerlijkheid, rechtvaardigheid, trouw  en liefde staan centraal in de omgang met elkaar en moeten leiden tot een klimaat waarin ieder zich veilig en geborgen voelt.

Onderwijskundig:


Elk kind maakt een eigen ontwikkeling door.

We streven naar het ontwikkelen van een harmonieus en evenwichtig positief zelfbeeld voor ieder kind.

We zien het als onze opdracht om de door de overheid geformuleerde kerndoelen te realiseren.

Het onderwijs aan onze scholen gaat uit van de totale mens met een evenwicht tussen intellectuele, sociale,creatieve en emotionele vorming; het geeft kinderen positieve zelfwaardering en zelfvertrouwen en is kindgericht.
Het onderwijs haalt het maximale uit het kind en die ontwikkeling wordt gestructureerd gevolgd.
Het onderwijs wordt in een doorgaande lijn gegeven en de kinderen vinden aansluiting bij het voortgezet onderwijs dat bij hen past.
In de scholen zijn de moderne communicatiemiddelen geïntegreerd en optimaal ingezet.

De kwaliteit van het onderwijs wordt regelmatig gecontroleerd en geëvalueerd.

De school is een flexibele organisatie en er is een open relatie tussen leraren en kinderen.

Organisatorisch:


We richten het onderwijs zo in dat in beginsel binnen acht jaren de school kan worden doorlopen. We kennen op de scholen een systeem van integrale leerlingenzorg.

De voorwaarden hiervoor zijn een rustige en uitdagende schoolomgeving, een regelmatig onderwijsprogramma, moderne onderwijsmiddelen, gemotiveerde en goed opgeleide personeelsleden en financieel gezonde scholen en vereniging.
Onze school is een “open” Protestants Christelijke school. Dit betekent dat wij ook kinderen van buiten de “PC- kring” toelaten. Wij vragen de desbetreffende ou­ders dan wel het “PC-karakter” van de school te respecteren en de kinderen volle­dig mee te laten doen met het hele onder­wijs.
De CBS”Annewieke” is één van de vijf scholen in de gemeente Scheemda, die val­len onder hetzelfde bestuur. Dit betekent dat we samenwerken, maar niet dat we hetzelfde zijn en doen. In de toekomst zul­len we waarschijnlijk bestuurlijk gezien nog groter gaan worden. Er wordt gespro­ken over één bestuur voor ongeveer 2000 leerlingen. Dit is noodzakelijk om in de toekomst financieel gezien gezond te blij­ven. Voor het onderwijs in de school is dit van belang omdat we te maken zullen krij­gen met een begroting en met een budget waar we mee rond zullen moeten komen.

Tevens is het mogelijk dat er personeels­wisselingen zullen plaatsvinden. Op bovengenoemde twee zaken hebben we als schoolteam weinig of geen grip. Zaken die minstens zoveel invloed op de kwali­teit van het onderwijs hebben, zullen dan ook onze volle aandacht kunnen krijgen:              

•Een positieve benadering van de leer­lingen en het opbouwen van een goede sfeer, zodat  alle leerlingen tot hun recht kunnen komen.      

•Het opbouwen van goed contact met ouders, zodat zij met ons samen werken.     

•Effectieve instructie aan de leerlingen, zodat elk aan zijn/haar trekken komt.

•Geschoold personeel, dat nieuwe ontwikkelingen volgt.                               

•Zorg op maat voor alle leerlingen leerlingen

•Een leerlingvolgsysteem, dat inzicht geeft in de vorderingen van leerlingen. 

•Goede onderwijsmethodes die passen bij onze uitgangspunten.                               

Om de kwaliteit van ons onderwijs te te onderzoeken, te waarborgen, en waar nodig te verbeteren gebruiken we “Kwintoo”. Door middel van concrete kwaliteitskaarten brengen we de eigen kwaliteit in beeld. De kwaliteitskaarten beschrijven 12 objecten die overeenkomen met de kwaliteitskenmerken die ook de onderwijsinspectie hanteert bij de uitoefening van het inspectietoezicht:                 

Kwaliteitszorg, toetsing, leerstofaanbod , leertijd, onderwijsleerproces, schoolklimaat, zoeg en begeleiding, opbrengsten, ,management en organisatie, integraal personeelsbeleid, inzet van middelen en communicatie met de omgeving .

In een periode van 4 jaar komen alle objecten aan de orde. Onze school legt de nadruk op de basisvaardigheden, t.w. taal, lezen en rekenen. Dit zal ook in de toekomst het geval blij­ven. Nieuwe technische middelen zullen meer en meer een plaats in de school innemen.  M.n. de computer zal een grote rol gaan spelen bij het inoefenen van leerstof en het ontdekkend leren. In alle klassen worden digitale schoolborden gebruikt, om de instructie zo goed en veelzijdig mogelijk te maken. Op dit moment hebben we één computer per 5 leerlingen. In groep 5/6 en 7/8 staat een netwerk van 10 multimediacomputers.
Deze worden gebruikt om leerstof te oefenen, maar ook om programma’s als Exel, Powerpoint, Word en  Encarta te leren kennen en in te oefenen. Email en internet zullen in toenemende mate gebruikt worden om informatie te verzamelen voor werkstukken, spreekbeurten, etc. We hebben pro­gramma’s op het gebied van taal, spelling, lezen, rekenen en aardrijkskunde. We blijven nieuwe ontwikkelingen volgen en gaan over tot aanschaf indien het om zinvolle en haalbare verbeteringen gaat. Via kennisnet, een door het ministerie opgezette internetsite voor het onderwijs, zullen de leerlingen in toenemende mate leren omgaan met allerlei nieuwe facetten van Informatie en Communicatie Technieken.



Leerlinggebonden financiering:


De bevordering van de emancipatie en integratie van mensen met een handicap vormt een belangrijke doelstelling in het beleid van de Rijksoverheid. Ook in het onderwijs is er behoefte aan emancipatie en integratie van gehandicapte kinderen. Van oudsher is het onderwijs aan gehandicapte kinderen georganiseerd in speciale scholen. Steeds meer ouders  wensen echter dat hun gehandicapte kind zoveel mogelijk in een normale omgeving opgroeit en in het verlengde daarvan ook in de thuisomgeving naar een gewone school voor basisonderwijs kan gaan. Om dit mogelijk te maken heeft de overheid een speciale regeling ontworpen, de “ leerling gebonden financiering” (de rugzak).

In deze rugzak zitten middelen (in de vorm van tijd en geld) waarmee het mogelijk wordt dat de leerling onderwijs kan volgen op een gewone basisschool.


Aanduiding van wat onze school wel en niet kan:

Wat we kunnen:

In ons streven naar adaptief onderwijs willen we zoveel mogelijk zorg op maat bieden. Onze zorg wordt gekenmerkt door hulpverlening en preventie: dat betekent tijdige signalering van problemen door de leerkracht, gevolgd door een adequate reactie in de vorm van extra zorg, zowel in de klas als daarbuiten (door r.t.). Voor een kind met een handicap willen we een onderwijsaanbod ontwikkelen dat aansluit op de mogelijkheden van deze leerlingen. Dit onderwijsaanbod kan gestalte krijgen in de groep, maar ook daarbuiten,  in de vorm van remedial teaching, ambulante begeleiding vanuit het samenwerkingsverband en vanuit het Regionale Expertisecentrum. Wij gaan er vanuit dat de ouders van de betreffende leerling ook een bijdrage leveren vanuit de kennis die ze van hun kind hebben.

Wij hebben op onze school in de afgelopen jaren kennis en ervaring opgebouwd in het onderwijs aan leerlingen met een leer- gedrag- en opvoedingsmoeilijkheden. 

Waar onze grenzen liggen:

Toch zijn wij niet in staat om ieder kind op te vangen. Onze opvangmogelijkheden zijn beperkt. Onze mogelijkheden en onmogelijkheden hebben wij verwoord in ons zorgprofiel, dat onderdeel uitmaakt van ons zorgplan en waar op school een kopie van is op te vragen.

De procedure voor toelating is opgenomen in het protocol toelating, schorsing en verwijdering zoals wij dat op school hanteren en waarvan een kopie is te verkrijgen op de school.

                                                                        terug <<<